Nieuwe regels voor ‘hufterovertredingen’

Vanaf 1 januari 2015 zijn van verschillende verkeersovertredingen nieuwe bepalingen opgenomen in het Wetboek van Strafrecht. Waar je als verkeersovertreder eerst alleen een boete kreeg, levert je dat in sommige gevallen nu ook een strafblad op. Voorheen gold dit alleen voor ernstige overtredingen.

Om de zogenoemde hufterovertredingen tegen te gaan, wordt dergelijk asociaal rijgedrag vanaf nu harder aangepakt. Voorheen leverden zulke overtredingen je een administratieve boete op, die geen gevolgen had voor je strafblad. Nu zullen dergelijke overtredingen een boete opleveren én zal er een strafbeschikking van de officier van Justitie volgen.
De boete zal nog steeds betaald moeten worden, maar er zal ook een aantekening op je strafblad worden gemaakt. Deze aantekening zal vijf jaar lang geregistreerd blijven nadat de boete is betaald. Bovendien kan het gevolgen hebben voor de aanvraag van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG). De VOG is voor steeds meer banen en functies noodzakelijk. Met een dergelijke aantekening bestaat het risico dat er geen VOG wordt afgegeven, waardoor het vinden van een baan bemoeilijkt wordt.

Wanneer een verkeersdeelnemer binnen twee jaar meer dan drie keer wordt opgepakt voor dergelijke overtredingen, kan het Openbaar Ministerie zelfs sneller overgaan tot invordering van het rijbewijs of een verhoging van de boete.

Deze nieuwe regels gelden vanaf 1 januari 2015 voor de volgende overtredingen:
– Het niet opvolgen van een stopteken of andere aanwijzing van een verbalisant of gegeven d.m.v. een politieauto;
– Geen voorrang geven aan een voetganger of iemand met een scootmobiel die op het zebrapad oversteekt of dat wil doen;
– Inhalen vlak voor een zebrapad;
– Een persoon die links staat voorgesorteerd, links inhalen;
– Geen voorrang geven aan een blinde of lichamelijk gehandicapte;
– Over de vluchtstrook rijden. Dit geldt niet als het gaat om een noodgeval;
– Over de spitsstrook rijden die niet open is;
– Op de autoweg of snelweg achteruit rijden of keren of het voertuig daar op de rijbaan laten stilstaan;
– Rijden op de snelweg met een voertuig dat niet harder kan rijden dan 60 km/u of –in het geval van een autoweg- 50 km/u.