Voorwaarden kindertoeslagen

De overheid biedt verschillende regelingen die ouders financieel ondersteunen. Om hiervoor in aanmerking te komen, dient echter wel aan een aantal voorwaarden te worden voldaan. Enkele regelingen zullen nader worden uitlegt en er zal worden beschreven aan welke voorwaarden voldaan moet worden om hier aanspraak op te kunnen maken.

Kinderopvangtoeslag
Kinderopvangtoeslag is een bijdrage in de kosten die een ouder maakt voor kinderopvang. Om in aanmerking te komen voor deze toeslag, wordt er gekeken naar uw inkomen en het aantal uren dat u en uw partner werken. De kinderopvangtoeslag is aan te vragen bij de Belastingdienst.

U kunt in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag indien:
• U en uw toeslagpartner werken, studeren, een traject naar werk of inburgeringscursus bij een gecertificeerde instelling volgen.
• U kinderbijslag of een pleegouderbijdrage voor het kind ontvangt. Of het kind onderhoudt in belangrijke mate. Dit betekent dat u meebetaalt aan het levensonderhoud van uw kind, zoals eten en kleding. Hiervoor moet u minimaal € 416 per kwartaal bijdragen.
• Uw kind op uw woonadres staat ingeschreven.
• Uw (gezamenlijke) inkomen niet te hoog is. Indien u alleen woont en geen toeslagpartner hebt, is dit te hoog wanneer uw inkomen meer dan € 28.482 per jaar bedraagt. Heeft u wel een toeslagpartner, dan mag het gezamenlijke inkomen niet meer dan € 37.145 per jaar bedragen.
• Het kindercentrum of gastouderbureau is geregistreerd.
• U een schriftelijke overeenkomst met het kindercentrum of gastouderbureau hebt afgesloten.
• Uw kind nog niet op het voortzet onderwijs zit.
• U of uw toeslagpartner de kinderopvangkosten betaald.
• U en uw (eventuele toeslagpartner), een Nederlandse nationaliteit of een geldige verblijfsvergunning heeft. Ook als u de nationaliteit heeft van een EU-land, Liechtenstein, Noorwegen, IJsland of Zwitserland wordt aan deze voorwaarde voldaan. Hierbij geldt wel dat u ingeschreven moet staan bij de gemeente waar u woont. Indien uw verblijfsvergunning verloopt, voldoet u aan deze voorwaarde als u op tijd verlening van uw verblijfsvergunning heeft aangevraagd en u al zorgtoeslag kreeg toen uw verblijfsvergunning nog geldig was.

Kindgebonden budget
Kindgebonden budget is een tegemoetkoming voor ouders in de kosten voor kinderen tot 18 jaar. Dit budget bestaat naast de kinderbijslag. Indien u recht hebt op het kindgebonden budget, ontvangt u vanzelf bericht van de Belastingdienst. De Belastingdienst betaalt het kindgebonden budget uit.

U kunt in aanmerking komen voor het kindgebonden budget indien:
• U een kind of kinderen heeft jonger dan 18 jaar.
• U of de andere ouder kinderbijslag ontvangt. In sommige gevallen wanneer uw kind 16 of 17 jaar oud is en u of de andere ouder geen kinderbijslag ontvangt, kunt u toch in aanmerking komen voor het kindgebonden budget.
• Uw (gezamenlijke) inkomen niet te hoog is. Wat als een inkomen wordt beschouwd, hangt af van het aantal kinderen dat u heeft.
• U een Nederlandse nationaliteit of een geldige verblijfsvergunning heeft. Ook als u de nationaliteit heeft van een EU-land, Liechtenstein, Noorwegen, IJsland of Zwitserland wordt aan deze voorwaarde voldaan. Hierbij geldt wel dat u ingeschreven moet staan bij de gemeente waar u woont. Indien uw verblijfsvergunning verloopt, voldoet u aan deze voorwaarde als u op tijd verlening van uw verblijfsvergunning heeft aangevraagd en u al zorgtoeslag kreeg toen uw verblijfsvergunning nog geldig was.
• Uw vermogen niet te hoog is. Hierbij wordt gekeken naar uw situatie;
– indien u jonger bent dan de AOW-leeftijd geldt een vermogensvrijstelling van € 21.139 per persoon.
– indien u in 2014 de AOW-leeftijd hebt of bereikt en uw inkomen is niet meer dan € 14.302 geldt een vermogensvrijstelling van € 49.123 per persoon.
– indien u in 2014 de AOW-leeftijd hebt of bereikt en uw inkomen is meer is dan € 14.302 maar niet meer is dan € 19.895, geldt een vermogensvrijstelling van € 35.131 per persoon.
– indien u in 2014 de AOW-leeftijd hebt of bereikt en uw inkomen is meer dan € 19.895 geldt een vermogensvrijstelling van € 21.139 per persoon.
Naast de vermogensvrijstelling per persoon geldt nog een vrijstellingsbedrag van € 81.360. Dit bedrag geldt voor u en uw eventuele toeslagpartner samen.

Kinderbijslag
Kinderbijslag is een bijdragen in de kosten voor de opvoeding van uw kind(eren) tot 18 jaar. De hoogte van het bedrag hangt af van de leeftijd van uw kind en waar uw kind woont. U kunt de kinderbijslag aanvragen bij de Sociale Verzekeringsbank. De kinderbijslag wordt per kwartaal uitgekeerd.

U kunt in aanmerking komen voor kinderbijslag indien:
• U kinderen, adoptiekinderen, stiefkinderen of pleegkinderen heeft die jonger dan 18 jaar zijn.
• U in Nederland werkt of woont of in het buitenland werkt voor een in Nederland gevestigde werkgever.

Kinderbijslag stopt wanneer uw kind 18 jaar wordt. Indien uw kind te veel verdient met een bijbaan of recht heeft op studiefinanciering, kan de kinderbijslag ook eerder stoppen.

Veranderingen per 1 januari 2015
De overheid gaat het kindgebondenbudget en de kinderbijslag per 1 januari 2015 aanpassen.

Kindgebonden budget
Het kindgebonden budget wordt door de wet hervorming kindregelingen veranderd op de volgende punten:
• Alleenstaande ouders zonder toeslagpartner krijgen vanaf 1 januari 2015 extra kindgebonden budget.
• Het budget van de tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en schoolkosten voor kinderen jonger dan 18 jaar verdwijnt per 1 augustus 2015. Het kindgebonden budget gaat vanaf dat moment omhoog voor kinderen van 16 en 17 jaar.
• De inkomensgrens gaat per 1 januari 2015 naar beneden. Hierdoor krijgen ouders met een inkomen boven deze grens minder tegemoetkoming.
• De bedragen oor het eerste en tweede kind gaan per 1 januari 2015 omhoog. Voor het eerste kind is dit € 15 per jaar en voor het tweede kind is dit € 255 per jaar.
• De eenoudertoeslag voor alleenstaande ouders die studiefinanciering ontvangen, gaat omlaag. Ook deze ouders komen in aanmerking voor extra kindgebonden budget.

Kinderbijslag
Ook deze regeling wordt aangepast. Voor de kinderbijslag gelden de volgende veranderingen:
• De hoogte van de kinderbijslag wordt in 2014 en 2015 niet aangepast aan de prijsindex (inflatie). De eerste aanpassing is per 1 januari 2016.
• Vanaf 1 juli 2014 gelden geen aanvullende voorwaarden meer voor kinderen van 16 en 17 jaar met een startkwalificatie (mbo-niveau 2 of hoger, havo- of vwo-diploma), voor de manier waarop ze hun tijd besteden.
• Voor uitwonende kinderen tot 16 jaar verdwijnt de toets op hun inkomen.
• De tegemoetkoming voor ouders met thuiswonende gehandicapte kinderen (TOG) en de extra tegemoetkoming TOG voor alleenverdienende ouders met thuiswonende gehandicapte kinderen gaan per 1 januari 2015 op in de kinderbijslag. In plaats van TOG en de extra tegemoetkoming TOG krijgen deze ouders straks meer kinderbijslag.
• Vanaf 1 januari 2015 veranderen de regels voor ouders die dubbele kinderbijslag krijgen, omdat hun kind een opleiding volgt en niet thuis woont. Vanaf dat moment wordt gekeken naar het soort opleiding en naar de afstand tussen de school en het gezin. Volgde het kind al vóór 1 januari 2015 een opleiding en woonde het niet thuis? Dan gelden de nieuwe regels vanaf het schooljaar 2015-2016.