| Benieuwd wat we voor u kunnen betekenen? Bel vrijblijvend - 0162-466626 | cliëntlogin

Hoger beroep in civiele zaken blijkt vaak lonend

Hoger beroep in civiele zaken blijkt vaak lonend

Hoger beroep in civielrechtelijke zaken leidt in een aanzienlijk aantal zaken tot een andere uitspraak dan in eerste aanleg. Het vorenstaande blijkt uit een inventarisatie door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum (WODC) van het Ministerie van Veiligheid en Justitie.

Het onderzoek heeft tot doel cijfermatig inzicht te geven in de stand van zaken in het hoger beroep in civiele zaken in Nederland. Het WODC analyseerde daartoe onder meer ruim 30.000 zaken waarvoor in 2009 en 2010 hoger beroep werd ingesteld. Voornamelijk in familierechtelijke zaken wordt het vonnis in eerste aanleg vaak geheel of gedeeltelijk vernietigd.

Van alle onderzochte zaken werd het vonnis uit eerste aanleg in 38 procent van de gevallen (deels) vernietigd. In 42 procent van de gevallen werd het eerste vonnis bekrachtigd. Familiezaken werden in slechts 35 procent van de gevallen bekrachtigd. Voor schuldsaneringszaken (wsnp) bedroeg dat percentage 65 procent.

Uit het onderzoek volgt tevens dat in handelszaken waarin de eiser in hoger beroep ging, het vonnis in eerste aanleg vaker vernietigd werd dan in zaken waarin de gedaagde in hoger beroep ging. In familierechtelijke zaken zijn de verschillen veel kleiner.

Het WODC concludeert verder dat de gemiddelde doorlooptijden in hoger beroepszaken weliswaar zijn afgenomen (behalve bij schuldsaneringszaken, die al een relatief korte doorlooptijd kenden), maar dat in overige civielrechtelijke hoger beroepsprocedures, met name in handelszaken, vaak een lange adem nodig is. De gemiddelde doorlooptijd daalde van 52 naar 42 weken. Handelszaken duren gemiddeld 63 weken.

Relevante artikelen van advocatenkantoor Osté